Terug naar alle blogs

#18 KLEIN ONDERZOEK NAAR DE ANGST

Geschreven op 19/05/20

Vaccin garandeert ook in 2021 nog geen zorgeloze zomer’. Goeiemorgen, zucht ik, ik schuif de krant voor me uit en kies voor het grote moestuinboek bij de koffie.

Veel angst in de krant, op de sociale media. Ik lees titels, schrik slaat me om het hart. Ook in en tussen de regels sluipt ze langs en gaat ze schuil. Sommigen waarschuwen voor de angst, ook dat vergroot weer het gevoel van angst. En dan de beelden nog: gemaskerde mensen, halsoverkop aangelegde begraafplaatsen. Gaat ze echt nog dieper doordringen in onze gedachten, onze taal? Ik wil geen heerschappij van angst, maar hoe schrijf je daar niet aan mee?  

Lang geleden op een zomernacht alleen in het bos ben ik de angst beginnen onderzoeken. De uilen waren al een tijd gestopt met roepen en alles was heel stil. Tot plots een luid gekraak klonk uit het kreupelhout, zo vlakbij dat ik m’n hart niet meer durfde laten kloppen. Ik wachtte. Het kwam. De nacht liet een oorverdovend gebrul horen, diep en dierlijk. Uren nadien nog denderde het bloed als een goederentrein door m’n lijf, hoorde ik elk ritselen van m’n wimpers tegen m’n slaapzak. Maar het gekraak en gegrom -vermoedelijk een everzwijn - waren in het dal verdwenen.

Traag week de nacht, de vogels begonnen weer te zingen, eerst één dan twee daarna honderd. Ik lag te luisteren in de ochtendzon, verkleumd van de kou, nog wat verfrommeld van de nacht, maar volmaakt gelukkig. Aan den lijve had ik het ondervonden: zoals de angst komt, gaat ze ook voorbij.

Mijn studie naar de werking van angst loopt nog dagelijks verder. Kansen genoeg. Leven is een risicovolle onderneming, ook zonder everzwijnen in de buurt.

Zelfs na al die jaren vormingswerk stap ik nooit een nieuwe groep tegemoet of ik moet er weer even doorheen. En zelfs nu dat spannende werk stil ligt, gaat nauwelijks een dag voorbij zonder moment dat iets in mij liever weg zou vluchten. Dan zucht ik. Als voor een veel te dikke cursus vroeger in de examentijd. Dan haal ik diep adem: het doorploeteren van die veel te dikke cursussen heeft me geregeld ook iets bijgebracht. Nu houd ik het bij de praktijk, ik lees, schrijf of geef geen cursussen hierover. Net als toen in het bos ben ik m’n eigen proefkonijn. Wat kan ik nog meer?

Het is erg moeilijk om iemand anders de angst uit het hoofd te praten. Meestal zit die al in het lijf. En onder die ene angst gaat een andere schuil en daarna weer een andere en weer een andere. Enzovoort. Zo zijn we dan terug kind. Dat heeft geen nood aan woorden, eerder aan de warme klank van een stem, of grote zachte armen.

Laten we zacht zijn voor elkander’ schrijft A. Roland Holst in zijn Zwerverslied. De woorden worden bijna armen (ja, ook poëzie kan helpen om weer op adem te komen). En als er verder nog enige remedie zou bestaan tegen de heerschappij van angst, dan lijkt het me wel deze: wees niet bang om bang te zijn.

Reageren?

Aanmelden voor onze nieuwsbrief

Door je aan te melden voor de nieuwsbrief ga je akkoord met de privacy verklaring